(Koken met Moke, 13 juni 2009)

- 4 middelgrote aardappelen
- 600 g kalfsfilet pure
- 4 stronkjes witlof
- 1 theelepel suiker en nootmuskaat
- 100 g bospaddenstoelen
- 1 teentje look
- Boter
- 2 artisjokken
- 1 citroen
- 1 eetlepel bloem
- peper en zout
Voor de saus:
- 6 tomaten
- 1 teentje look
- 2 sjalotten
- sap van een halve citroen
- 1 eetlepel suiker
- scheutje witte wijn
- 150 ml olijfolie extra vierge
- peper en zout
1. Breek de steel van de artisjokken en snijd de bodem recht af. Haal de bladeren eraf en besprenkel de bodem met het sap van een halve citroen. Snijd de artisjokbodems vlak boven het hooi doormidden en kook ze 10 minuten in gezouten water met de bloem en een halve citroen. Giet ze af en verwijder voorzichtig het hooi. Snijd ze in blokjes en bak ze even in boter.
2. Maak de coulis: snipper de sjalotten en plet de look. Ontvel en ontpit de tomaten. Stoof ze samen met de suiker op een zacht vuurtje tot een compote, blus alles met de witte wijn. Doe het mengsel in een blender en mix het geheel. Voeg er geleidelijk de olijfolie aan toe en kruid met peper, zout en citroensap.
3. Schil de aardappelen, snijd er zeer dunne frietjes van en frituur ze krokant.
4. Gaar de witloof met boter, suiker, peper, zout en nootmuskaat.
5. Stoof de paddenstoelen, kruid en houd ze warm.
6. Bak het vlees aan beide kanten bruin en laat verder garen in de oven gedurende 12 minuten.
7. Serveer alles mooi op een bord.