SERR Limburg reageert op nieuwe besparingen bij de Lijn: "Limburg wacht op een bus die niet meer zal komen"
De sociale partners verenigd in SERR Limburg trekken samen met het Limburgse middenveld en de onderwijsinstituten aan de alarmbel, nadat de Lijn extra besparingen heeft aangekondigd. Volgens SERR bedreigen de besparingen de algemene mobiliteit, economie, sociale verbondenheid en kansen op werk. Daarnaast zijn de besparingen volgens SERR gebaseerd op basis van reizigerscijfers die onvolledig zijn.
De Lijn moet opnieuw zwaar besparen: in totaal €35,5 miljoen, vooral door minder bussen en trams te laten rijden op lijnen die volgens cijfers van de vervoersmaatschappij te weinig reizigers hebben. Die cijfers zijn volgens SERR Limburg gebaseerd op systemen die vaak niet correct werken of onvolledige informatie geven. Voor Limburg zijn de gevolgen meteen voelbaar: 13 lijnen op schooldagen en 39 lijnen in weekends en vakanties staan onder druk. De vakbonden en onderwijsinstellingen vrezen meer vervoersarmoede, meer isolement en een verlies aan bereikbaarheid.
Volgens het evaluatierapport van het vervoersauditoriaat dat de SERR kon inkijken, blijkt dat Limburg het opnieuw niet goed doet. De gemiddelde bezetting zakte al van 10,4 naar 8,4 reizigers per rit, ruim onder het Vlaamse gemiddelde van 10,8. De overstap naar de focus op de hoofdassen, waarbij de basisbereikbaarheid achterwege gelaten wordt, zorgt ervoor dat reizigers van de Lijn nu al meer beroep moet doen op het VoM of flexvervoer. Met slechts 1,54 reizigers per rit in Limburg is net dat systeem te duur en inefficiënt, volgens de SERR.
Het sociale middenveld trekt daarom aan de alarmbel. Ze vrezen dat scholieren en mensen zonder rijbewijs moeilijker op hun werk geraken of school geraken, ouderen sneller in isolement terecht komen enwerknemers niet meer op tijd op de werkvloer geraken. Intussen belanden meer auto’s op de baan, waarschuwt de SERR, wat zorgt voor hogere mobiliteitskosten, logistieke uitdagingen en vertragingen bij werk en dienstverlening “Het leerlingenvervoer is nu al ver ondermaats. We herinneren ons allemaal nog hoe lang leerlingen in het buitengewoon onderwijs op de bus moeten zitten. En deze besparingen zullen dat probleem enkel nog groter maken, dat kan toch niet de bedoeling zijn”, aldus Jorrit Hermans, voorzitter SERR Limburg.
"De druk is ook voelbaar bij de onderaannemers van De Lijn", vult Hermans aan. "Zij investeerden vorig jaar verplicht in nieuwe, groene bussen en infrastructurele aanpassingen. Nu hun opdrachten verminderen, komen ze financieel in het nauw. Dat betekent dat ze bussen, gebouwen en materiaal moeten afstoten en dat jobs rechtstreeks bedreigd worden. Voor veel onderaannemers wordt de combinatie van hoge kosten en dalende inkomsten onhoudbaar. Ook de chauffeurs, zowel van De Lijn zelf als die wat in opdracht van De Lijn rijden, krijgen het zwaar te verduren. Door meer gesplitste diensten worden hun werkdagen langer en stressvoller. Dat maakt het beroep steeds minder aantrekkelijk en vergroot het risico dat De Lijn en haar onderaannemers op termijn niet genoeg personeel vinden om de dienstverlening overeind te houden. De besparingen zetten daardoor een hele keten van tewerkstelling en dienstverlening onder onhoudbare druk."