Meerderheid pakt plaatsgebrek in jeugdinstellingen aan
Jongeren die zware feiten plegen, kunnen soms niet opgesloten worden omdat er geen plaats is in de gesloten jeugdinstellingen. Tegelijk blijven andere jongeren er langer dan nodig, omdat de gepaste hulpverlening ontbreekt. De Vlaamse meerderheidspartijen N-VA, cd&v en Vooruit willen dat probleem aanpakken en dienen daarvoor een resolutie in. Ook het Limburgse parlementslid Toon Vandeurzen (cd&v) trekt mee aan de kar.
Volgens de meerderheidspartijen loopt het systeem op verschillende momenten vast. Zo belanden jongeren met een problematische thuissituatie soms in een gesloten instelling, terwijl ze eigenlijk gewone jeugdhulp nodig hebben. Omgekeerd geraken jongeren die zware feiten hebben gepleegd niet altijd binnen door plaatsgebrek.
Ook de doorstroming verloopt moeizaam. In 2025 konden 73 jongeren vanuit de gesloten jeugdinstelling De Grubbe niet doorstromen naar een gemeenschapsinstelling. Anderen blijven na afloop van hun traject soms nog maanden zitten omdat er geen gepaste nazorg beschikbaar is.
De drie partijen vragen daarom een betere samenwerking tussen justitie en welzijn, meer begeleiding op maat en een snellere doorstroming. Zo moet vermeden worden dat jongeren onnodig plaatsen bezet houden, terwijl anderen niet kunnen worden opgenomen.
Vandeurzen waarschuwde eerder bij TV Limburg al voor de gevolgen van het plaatsgebrek, nadat acht minderjarigen die tijdens rellen in Brussel waren opgepakt, opnieuw naar huis mochten omdat er geen plaats was. In onderstaande reportage legt Toon Vandeurzen uit waarom het jeugdsanctiesysteem volgens hem vastloopt en waarom een betere samenwerking tussen justitie en welzijn dringend nodig is.