Hasselt: slechts 32,3% van Limburg draagt economie
door Johann Leten, gedelegeerd bestuurder Voka Limburg
In Limburg werken 232.123 mensen in de privésector. Daarbovenop tellen we 60.116 zelfstandigen. Samen zijn dat 292.239 Limburgers die elke dag ondernemen, produceren, klanten bedienen, investeren, risico nemen en belastingen betalen. Op een totale bevolking van 904.625 inwoners betekent dat dat amper 32,3% van de Limburgers de economische motor van deze provincie draaiende houdt.
Dat cijfer moet binnenkomen, zeker als je weet dat het aantal in de privésector daalt en in de publieke sector stijgt.
Want het is die actieve groep die de toegevoegde waarde creëert waarmee we onze welvaart financieren. Zij zorgen voor de middelen waarmee we onze gezondheidszorg betalen, onze pensioenen financieren, ons onderwijs organiseren en onze sociale zekerheid overeind houden. Zonder sterke privésector geen sterke samenleving.
Waar komt welvaart vandaan?
Te vaak wordt vergeten waar welvaart eigenlijk vandaan komt. Overheden herverdelen middelen, maar ze creëren ze niet. De echte economische zuurstof ontstaat op de werkvloer van ondernemingen, bij zelfstandigen, in KMO’s, industriebedrijven, logistieke spelers, technologiebedrijven, winkels en bouwbedrijven. Dáár wordt de factuur van onze samenleving betaald.
Alarmbellen
En net daarom moeten alle alarmbellen afgaan wanneer steeds meer mensen langdurig uitvallen op de arbeidsmarkt. Ook Limburg kent een forse stijging van het aantal langdurig zieken. Dat is in de eerste plaats een menselijk drama voor wie getroffen wordt. Maar het is tegelijk ook een enorme economische uitdaging. Elke werknemer die langdurig uitvalt, vergroot de druk op die steeds kleinere groep actieve mensen die onze welvaart moet blijven dragen.
We kunnen het ons eenvoudigweg niet permitteren om tienduizenden mensen definitief aan de kant te laten staan. Daarom is een sterke rol voor de bedrijfsarts cruciaal. De bedrijfsarts moet veel meer gezien worden als een partner in preventie, re-integratie en werkbaar werk, niet louter als een administratieve schakel in het ziekteproces. Bedrijfsartsen staan dicht bij zowel werknemer als werkgever en kunnen mee helpen voorkomen dat tijdelijke uitval evolueert naar langdurige afwezigheid.
Begeleiding, re-integratie en open dialoog
Snelle begeleiding, realistische re-integratietrajecten en een open dialoog op de werkvloer maken een wereld van verschil. Veel mensen kunnen met de juiste ondersteuning gedeeltelijk terug aan de slag of stapsgewijs opnieuw aansluiting vinden met de arbeidsmarkt. Dat is beter voor de werknemer, beter voor de onderneming én beter voor de samenleving.
De oplossing ligt dus niet in schuldvragen, maar in activering, begeleiding en werkbaar werk. Mensen die kunnen werken, moeten maximaal geholpen worden om opnieuw perspectief te krijgen. Want werk is niet alleen een bron van inkomen, maar ook van eigenwaarde, sociale verbondenheid en toekomstzekerheid.
Mee aan boord
Limburg heeft nood aan een beleid dat ondernemerschap versterkt, werken aantrekkelijker maakt en langdurige uitval actief terugdringt. Niet door de lasten nog verder te verhogen voor wie vandaag al trekt aan de kar, maar door meer mensen opnieuw mee aan boord te krijgen.
Want als amper één op drie Limburgers de samenleving financiert, dan moeten we bijzonder voorzichtig zijn met de draagkracht van die groep. Zij dragen vandaag al een bijzonder groot stuk van onze welvaart op hun schouders.